Klacht over onvolledige Basisgegevensset Zorg en overdracht medische informatie: beoordeling van ontvankelijkheid

  • Home >>
  • Ziekenhuizen >>
De Geschillencommissie Zorg




Commissie: Ziekenhuizen    Categorie: -    Jaartal: 2025
Soort uitspraak: bindend advies   Uitkomst: niet-ontvankelijk   Referentiecode: 1152339/1262069

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De cliënte diende een klacht in tegen het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis (ETZ) over de overdracht van haar medische gegevens. Na beëindiging van haar behandeling kreeg zij zorg in een ander ziekenhuis, maar daar ontbraken volgens haar belangrijke gegevens, omdat de Basisgegevensset Zorg (BgZ) niet volledig zou zijn ingevuld. Zij vond dat het ETZ hiermee zijn wettelijke plicht had geschonden en vroeg om aanvulling van de BgZ en herstel van vertrouwen. De commissie stelde echter vast dat in januari 2025 al een klacht van de cliënte over de volledigheid van haar medisch dossier ongegrond was verklaard, en dat de BgZ slechts een samenvatting is van dit dossier. Omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangedragen, oordeelde de commissie dat de nieuwe klacht in feite over hetzelfde ging als de eerdere. De cliënte werd daarom niet-ontvankelijk verklaard.

De uitspraak

in het geschil tussen

[naam], wonende te [plaats}
(hierna te noemen: de cliënt)

en

ETZ, gevestigd te Tilburg
(hierna te noemen: de zorgaanbieder).

Behandeling van het geschil

Uit de stukken blijkt dat eerst dient te worden vastgesteld of de cliënt in haar klacht kan worden ontvangen.

Overeenkomstig artikel 2 lid 3 van het Reglement Geschillencommissie Ziekenhuizen heeft de voorzitter kennisgenomen van de overgelegde stukken.

De behandeling heeft plaatsgevonden op 30 juni 2025 te Den Haag.

Partijen zijn niet voor de zitting opgeroepen.

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de vraag of de zorgaanbieder zorgvuldig heeft gehandeld in het completeren en overdragen van de Basisgegevensset Zorg (hierna: BgZ). Allereerst dient de voorzitter te beoordelen of dit geschil inhoudelijk behandeld kan worden, gezien een eerdere uitspraak van de commissie.
Standpunt van de cliënt

Voor het standpunt van de cliënt verwijst de voorzitter naar de overgelegde stukken. In de kern komt dat op het volgende neer.

In verband met de beëindiging van de behandelingsovereenkomst heeft de cliënt zich tot een ander ziekenhuis gewend voor het ontvangen van medische zorg. Het betreffende ziekenhuis beschikte echter niet over de voor de behandeling essentiële medische gegevens van de cliënt. De cliënt leidt hieruit af dat de oorspronkelijke zorgaanbieder niet heeft voldaan aan zijn wettelijke en professionele verantwoordelijkheid om medische informatie tijdig en adequaat te verstrekken, zoals voorgeschreven in de geldende kwaliteitsstandaard BgZ.

Volgens de cliënt was de BgZ onvolledig ingevuld en zijn de relevante medische gegevens niet op de juiste wijze overgedragen aan de opvolgende zorgaanbieder. De BgZ had meer (relevante) medische informatie moeten bevatten om risico’s op calamiteiten en incidenten tijdens de vervolgzorg te minimaliseren. Hoewel deze informatie wel in het medisch dossier aanwezig blijkt te zijn, is deze niet opgenomen in de BgZ.

De cliënt verzoekt ten eerste om een volledige en veilige aanvulling van de BgZ overeenkomstig de geldende normen en richtlijnen en ten tweede om herstel van vertrouwen in de zorgaanbieder en de geboden zorgverlening.

Beoordeling van het geschil

Wat aan het geschil vooraf is gegaan
Op 15 januari 2025 heeft de commissie uitspraak gedaan in een klacht van cliënt, betreffende enerzijds de vermeende onvolledigheid van het medisch dossier en de weigering tot aanvulling daarvan, en anderzijds de gestelde weigering tot communicatie. Beide onderdelen van de klacht zijn bij die uitspraak ongegrond verklaard.

De voorliggende, op 3 juni 2025 via het vragenformulier ingediende klacht van cliënt betreft de gestelde onvolledigheid van de BgZ en de onzorgvuldigheid in de overdracht van deze gegevens aan een opvolgende zorgaanbieder.

Aangezien een geschil slechts éénmaal aan de commissie ter beoordeling kan worden voorgelegd, dient de voorzitter in eerste instantie te beoordelen of het onderhavige geschil met betrekking tot de BgZ zich inhoudelijk onderscheidt van het reeds beoordeelde geschil, en daarmee in aanmerking komt voor verdere behandeling.

Toetsingskader
Per 1 juli 2023 is de Wet elektronische gegevensuitwisseling in de zorg (Wegiz) in werking getreden. Op grond van deze wet zijn zorgaanbieders verplicht medische gegevens op elektronische wijze uit te wisselen, teneinde de beschikbaarheid van relevante, volledige en actuele informatie te waarborgen.

Krachtens artikel 1.4 lid 2 sub a Wegiz, in samenhang met artikel 11a, eerste lid, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz), zijn binnen de ziekenhuissector afspraken gemaakt over de wijze van elektronische gegevensuitwisseling. Deze afspraken zijn vastgelegd in een kwaliteitsstandaard die wordt getoetst door het Zorginstituut Nederland en opgenomen in het Openbaar Register.

De betreffende afspraken zijn neergelegd in de kwaliteitsstandaard ‘Uitwisseling Basisgegevensset Zorg (BgZ) tussen instellingen waar medisch-specialistische zorg (MSZ) wordt verleend’.

Is de cliënt ontvankelijk?
De commissie overweegt dat een klacht slechts eenmaal aan de commissie kan worden voorgelegd. Indien een uitspraak is gevolgd, is daarmee de procedure gesloten en het geschil tussen partijen definitief beëindigd. Dit kan slechts anders zijn indien na de uitspraak feiten en omstandigheden naar voren komen die ten tijde van de eerdere procedure nog niet bekend waren en die een ander licht kunnen werpen op het geschil.

Naar het oordeel van de voorzitter is geen sprake van nieuwe feiten en omstandigheden die ten tijde van het geschil nog niet bekend waren of konden zijn. De cliënt heeft ook geenszins aangevoerd dat sprake is van nieuwe feiten die zij niet eerder wist althans kon weten.

De informatie uit de BgZ is – naar de cliënt zelf ook opmerkt in het vragenformulier – onderdeel van het medisch dossier. De BgZ is een samenvatting van de relevante medische gegevens in het medisch dossier. Dat het medisch dossier voldeed aan de daarvoor geldende standaarden, is reeds door de commissie geoordeeld in het bindend advies d.d. 15 januari 2025. De kern van de voorliggende klacht – het medisch dossier is niet compleet want niet alle relevante informatie uit het medisch dossier is opgenomen in de BgZ – komt dan ook op hetzelfde neer als de klacht waarover de commissie reeds uitspraak heeft gedaan.

Overigens is door de cliënt ook niet gemotiveerd gesteld in hoeverre de BgZ niet compleet zou zijn. Het enkele feit dat een ander ziekenhuis bepaalde medische informatie niet heeft opgenomen in een terugverwijzing, is daarvoor volstrekt onvoldoende.

Op grond van het voorgaande is de cliënt niet-ontvankelijk in de klacht.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing

De cliënt wordt in de klacht niet-ontvankelijk verklaard.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Ziekenhuizen, bestaande uit mevrouw mr. A.D.R.M. Boumans, voorzitter, in aanwezigheid van mevrouw mr. S.M.E. Balfoort, secretaris, op 30 juni 2025.