Commissie: Geestelijke Gezondheidszorg
Categorie: -
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: ontvankelijkverklaring
Uitkomst: ontvankelijk
Referentiecode:
942855/1085151
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De cliënt heeft een klacht ingediend tegen GGzE over vermeende onjuiste diagnoses, verkeerde dossierinformatie en schending van privacy. Ze stelt dat zij fysiek schade heeft geleden door fouten in haar behandeling. De zorgaanbieder betwist de ontvankelijkheid van de klacht en stelt dat de klachten onduidelijk en niet eerder gemeld zijn. Volgens de zorgaanbieder moet eerst een gesprek plaatsvinden om tot een oplossing te komen. De commissie heeft de stukken bestudeerd, die weliswaar omvangrijk en ongestructureerd zijn, maar voldoende inzicht geven in de kern van de klacht. Deze kern betreft met name de vermeende verkeerde diagnose van een verstandelijke beperking en psychose, en het tijdelijk niet verstrekken van medicatie voor myositis. De commissie oordeelt dat de zorgaanbieder de klacht over de verkeerde diagnose al heeft behandeld. Daarom verklaart de commissie de cliënt ontvankelijk met betrekking tot het klachtonderdeel over de onjuiste diagnose. De overige klachten vallen buiten deze ontvankelijkheid. De inhoudelijke behandeling van de klacht zal op een later moment plaatsvinden, op een nader te bepalen datum en tijd. De commissie benadrukt dat de beslissing alleen betrekking heeft op de ontvankelijkheid van het klachtonderdeel over de diagnose.
De uitspraak
in het geschil tussen
[naam], wonende te [woonplaats] (hierna te noemen: de cliënt)en
GGzE, gevestigd te Eindhoven
(hierna te noemen: de zorgaanbieder).
Behandeling van het geschil
Uit de stukken blijkt dat eerst dient te worden vastgesteld of de cliënt in haar klacht ontvankelijk is.
De Geschillencommissie Geestelijke Gezondheidszorg (verder te noemen: de commissie) heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.
De behandeling heeft plaatsgevonden op 25 augustus 2025 te Utrecht.
Partijen zijn niet voor de zitting opgeroepen.
Onderwerp van het geschil
Het geschil betreft de vraag of de cliënt de interne klachtenprocedure bij de zorgaanbieder heeft doorlopen en of zij ontvangen kan worden in haar geschil.
Standpunt van de cliënt
Voor het standpunt van de cliënt verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De cliënt is door de zorgaanbieder voor een ander persoon aangezien en werd door elkaar gehaald met haar moeder. Ook heeft de zorgaanbieder de privacy van de cliënt geschonden. Verder zijn bij de cliënt verkeerde diagnoses gesteld en is onjuiste informatie over de cliënt genoteerd in het dossier. Hierdoor heeft de cliënt fysieke schade geleden.
Standpunt van de zorgaanbieder
Voor het standpunt van de zorgaanbieder verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De zorgaanbieder vindt de klachten door cliënt niet duidelijk en herleidbaar omschreven zodat niet duidelijk is waar cliënt over klaagt. Verder verneemt de zorgaanbieder nu voor het eerst de algemene omschrijving van de klacht van de cliënt. Hierover heeft de cliënt niet eerder geklaagd bij de zorgaanbieder. De zorgaanbieder wil graag eerst met de cliënt in gesprek over haar klachten om te proberen tot een passende oplossing te komen.
De zorgaanbieder beroept zich dan ook op niet-ontvankelijkheid van de cliënt.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Uit de door de cliënt aangeleverde stukken die inderdaad veel pagina’s behelzen en een vrij ongestructureerd betoog bevatten, begrijpt de commissie evenwel dat de klacht van de cliënt hoofdzakelijk ziet op de in haar ogen onterechte diagnose, bestaande uit een verstandelijke beperking en psychose. Ook zou de cliënt haar medicatie voor myositis enige tijd niet hebben ontvangen.
Dat de klacht volgens de zorgaanbieder niet te begrijpen is, volgt de commissie niet. De zorgaanbieder heeft immers een in de visie van de geschillencommissie correcte samenvatting van de klacht opgenomen in het verweerschrift. Ook heeft de zorgaanbieder zich naar eigen zeggen in het eindoordeel op de klacht van 24 juni 2025 beperkt tot de klacht over het stellen van de verkeerde diagnose. Hieruit maakt de commissie op dat dit klachtonderdeel wel degelijk door de zorgaanbieder is behandeld. Dit maakt dat de cliënt voor wat betreft dit klachtonderdeel in haar klacht kan worden ontvangen.
Gelet hierop verklaart de commissie de cliënt ontvankelijk in haar klacht, voor wat betreft het klachtonderdeel dat ziet op het stellen van een onjuiste diagnose. De inhoudelijke behandeling van de klacht zal plaatsvinden op een nader aan de cliënt en de zorgaanbieder bekend te maken datum en tijdstip.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De cliënt wordt in de klacht ontvankelijk verklaard met betrekking tot het klachtonderdeel dat ziet op het stellen van een onjuiste diagnose.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Geestelijke Gezondheidszorg, bestaande uit mevrouw mr. S.W.M. Speekenbrink, voorzitter, de heer drs. T. Knap, mevrouw E.M. van den Berg, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. S.M.E. Balfoort, secretaris, op 25 augustus 2025.