Commissie: Zorg Algemeen
Categorie: -
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: bindend advies
Uitkomst: onbevoegd
Referentiecode:
754590/903422
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De cliënt heeft een geschil ingediend bij de Geschillencommissie Zorg Algemeen naar aanleiding van een incident waarbij haar hulphond werd aangevallen door een cliënt van een zorginstelling die lid is van Coöperatie Boer en Zorg. De aanval zou tot gevolg hebben gehad dat de hulphond is afgekeurd en moest worden afgestaan. De cliënt stelt de zorgaanbieder aansprakelijk voor de schade en eist een schadevergoeding en excuses. De zorgaanbieder wijst aansprakelijkheid af en stelt dat de eigen cliënt wilsbekwaam was en zelf verantwoordelijk is. De commissie heeft zich gebogen over de vraag of zij bevoegd is om dit geschil te behandelen. Daarbij is vastgesteld dat de cliënt geen behandelrelatie heeft met de zorgaanbieder. Volgens het reglement kan de commissie alleen geschillen behandelen tussen een zorgaanbieder en diens eigen cliënt. Omdat daarvan in dit geval geen sprake is, verklaart de commissie zich onbevoegd. Er vindt dus geen inhoudelijke beoordeling van het geschil plaats. Partijen zijn niet opgeroepen voor een zitting en de zaak is schriftelijk afgedaan.
De uitspraak
in het geschil tussen
[naam cliënt], wonende te [woonplaats cliënt] (hierna te noemen: de cliënt)en
Coöperatie Boer en Zorg b.a., gevestigd te Wageningen
(hierna te noemen: de zorgaanbieder).
Samenvatting
De commissie verklaart zich onbevoegd een geschil te behandelen, omdat het gaat om een geschil tussen een cliënt en een zorgaanbieder van een andere cliënt. De cliënt die het geschil aanhangig heeft gemaakt, is geen cliënt van de zorgaanbieder.
Behandeling van het geschil
Uit de stukken blijkt dat eerst dient te worden vastgesteld of de commissie bevoegd is het geschil te behandelen.
De Geschillencommissie Zorg Algemeen (verder te noemen: de commissie) heeft kennisgenomen van de overgelegde stukken.
Partijen zijn niet voor de zitting opgeroepen.
De behandeling heeft plaatsgevonden op 21 maart 2025 te Zwolle.
De commissie heeft het volgende overwogen.
Beoordeling
Het geschil
De hulphond van cliënt is op 26 april 2022 in het stadspark in [woonplaats cliënt] aangevallen door een cliënt van het [naam zorgorganisatie]. De zorgorganisatie [naam zorgorganisatie] in [woonplaats cliënt] is lid van coöperatie Boer en Zorg (de zorgaanbieder). Volgens cliënt is haar hulphond dusdanig mishandeld dat hij is afgekeurd als hulphond en dat zij afstand van hem heeft moeten doen. Cliënt heeft de zorgaanbieder aansprakelijk gesteld voor de door haar geleden schade. De zorgaanbieder heeft aansprakelijkheid van de hand gewezen, omdat de cliënt van de zorgaanbieder (die de hulphond heeft mishandeld) wilsbekwaam was op het moment van het incident en volgens de zorgaanbieder zelf aansprakelijk moet worden gesteld.
Cliënt heeft vervolgens een klacht bij de commissie ingediend. De klacht kan volgens cliënt worden opgelost doordat de zorgaanbieder excuses maakt en schadevergoeding voor de gemaakte kosten als gevolg van de mishandeling van haar hulphond betaalt.
De overwegingen van de commissie
De commissie overweegt dat het bij geschillen die door de commissie kunnen worden behandeld, moet gaan om geschillen tussen een zorgaanbieder en een cliënt van die zorgaanbieder (of in het geval van een overleden cliënt, een nabestaande). Er moet sprake zijn van een behandelovereenkomst tussen de cliënt en de zorgaanbieder. Hiervan is in het onderhavige geschil geen sprake. In dit geschil gaat het om een geschil tussen een cliënt en (een cliënt van) een andere zorgaanbieder. De cliënt die het geschil bij de commissie aanhangig heeft gemaakt is geen cliënt van de zorgaanbieder die door cliënt wordt aangesproken.
Op grond van het voorgaande acht de commissie zich dan ook onbevoegd het geschil te behandelen.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie verklaart zich onbevoegd het geschil te behandelen.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Zorg Algemeen, bestaande uit de heer mr. M.M. Verhoeven, voorzitter, de heer R. Simons, de heer J. Zomerplaag, leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. C. Koppelman, secretaris, op 21 maart 2025.