Niet-ontvankelijk. Klacht is niet binnen 12 maanden na afhandeling van de klacht door het ziekenhuis bij de geschillencommissie ingediend.

De Geschillencommissie Zorg
Print Friendly, PDF & Email




Commissie: Ziekenhuizen    Categorie: (Niet) Ontvankelijkheid    Jaartal: 2018
Soort uitspraak: -   Uitkomst: -   Referentiecode: 112946

De uitspraak:

In het geschil tussen

[Cliënt], wonende te [plaats] en Stichting Zuyderland Medisch Centrum, gevestigd te Sittard.

Behandeling van het geschil

Partijen zijn overeengekomen dit geschil bij wege van bindend advies door de Geschillencommissie Ziekenhuizen (verder te noemen: de commissie) te laten beslechten.

De cliënt heeft op 13 september 2017 de commissie verzocht onderhavig geschil in behandeling te nemen.

De cliënt en het ziekenhuis zijn niet voor de zitting opgeroepen, omdat de commissie op grond van de stukken eerst dient vast te stellen of de cliënt ontvankelijk is in zijn klacht, gelet op de bezwaren van het ziekenhuis.
 
Partijen zijn schriftelijk bericht dat de commissie eerst een voorbeslissing dient te nemen alvorens het dossier op de inhoud kan worden beoordeeld. De cliënt is vervolgens in de gelegenheid gesteld om een schriftelijke reactie te geven op het standpunt van het ziekenhuis inzake de ontvankelijkheid van de cliënt in zijn klacht. De commissie heeft op 23 januari 2018 een reactie van de cliënt ontvangen.
De commissie heeft ook kennisgenomen van de overige overgelegde stukken.

Het geschil is buiten aanwezigheid van partijen behandeld op 16 februari 2018 te Eindhoven.

Onderwerp van het geschil

Het geschil betreft de medische behandeling van cliënt door het ziekenhuis. Op 26 maart 2003 is een cystoscopie verricht bij cliënt. 

Beoordeling van het geschil

Voordat de commissie toekomt aan een inhoudelijke beoordeling van de klacht dient zij te beoordelen of de cliënt in zijn klacht kan worden ontvangen.

Het ziekenhuis stelt zich op het standpunt dat de cliënt niet-ontvankelijk is in zijn klacht omdat hij zijn geschil niet binnen twaalf maanden na afhandeling van de klacht door het ziekenhuis bij de commissie aanhangig heeft gemaakt. De cliënt heeft zich op 8 augustus 2007 gemeld met een klacht bij de afdeling patiënten service van het ziekenhuis. Het interne klachtentraject dat is gestart, heeft geresulteerd in een aansprakelijkstelling van het ziekenhuis door de cliënt, welke aansprakelijkstelling is behandeld door de aansprakelijkheidsverzekeraar van het ziekenhuis. Deze heeft op 15 juli 2008 een afwijzend standpunt ingenomen omdat geen sprake is geweest van medisch onzorgvuldig handelen. Daarbij komt dat zowel het Regionaal Tuchtcollege op 3 december 2008 en het Centraal Tuchtcollege op 19 januari 2010 een afwijzende uitspraak hebben gedaan.

De cliënt stelt, naar de commissie begrijpt, dat hij wel degelijk ontvankelijk is in zijn klacht. Hij verwijst daartoe, naar de commissie begrijpt, naar de beslissing van de klachtencommissie Laurentius Ziekenhuis d.d. 23 juni 2014.

De commissie overweegt als volgt.

Ingevolge artikel 6 van het reglement, voor zover thans van belang, verklaart de commissie op verzoek van het ziekenhuis – gedaan bij eerste gelegenheid – de cliënt in zijn klacht niet-ontvankelijk:
a. indien hij zijn klacht niet eerst overeenkomstig de Wet of de op de geneeskundige behandelingsovereenkomst van toepassing zijnde voorwaarden bij het ziekenhuis heeft ingediend en de cliënt zijn geschil vervolgens niet binnen 12 maanden na afhandeling van de klacht door het ziekenhuis bij de commissie aanhangig heeft gemaakt.

De commissie stelt vast dat het ziekenhuis bij eerste gelegenheid een beroep heeft gedaan op de
niet-ontvankelijkheid.

De commissie is van oordeel dat de cliënt in zijn klacht niet-ontvankelijk moet worden verklaard, nu de  cliënt niet binnen twaalf maanden na afhandeling van de klacht door het ziekenhuis zijn klacht bij de commissie aanhangig heeft gemaakt. De verwijzing door de cliënt naar de beslissing van de klachtencommissie Laurentius Ziekenhuis van 23 juni 2014 maakt een en ander niet anders, nu dit een klacht gericht tegen een andere arts en ziekenhuis betreft.

Mitsdien wordt beslist als volgt.

Beslissing

De commissie:

– verklaart de cliënt niet-ontvankelijk in zijn klacht.

Aldus beslist op 16 februari 2018 door de Geschillencommissie Ziekenhuizen.